De straat leeft, door zijn kleurrijke bewoners, zijn winkeltjes met versierde gevels en verzorgde etalages. Dat beeldt Dick Buijtelaar prachtig uit, in zijn grafiek zo wel als in zijn schilderswerk.
Het kan New York zijn, Parijs of Den Haag, een monumentaal gebouw of een bescheiden straathoek, een bank langs een boulevard of in een park, of een detail van een ingenieuze constructie. De grafische elementen van de straat worden door Dick Buijtelaar opgepikt en vastgelegd als iconen van het stedelijke leven. Maar de mens neemt de belangrijkste plaats in op straat, alsook in de beeldtaal van de kunstenaar. Wandelaar, clochard of politieman komen in zijn werk voor als moderne straaticonen. |