|
ANTON VREDE |
| droge
naald etsen |
| 22
februari t/m 21 maart 2003 |
'Niemand verstaat mij, mijn spel
is eenvoudig, niemand kan het raden', schreef de Vlaamse dichter
Paul van Ostaijen. En zo is het. Eenvoud valt niet uit te leggen.
Wat kun je voor zinnigs zeggen over een rechte lijn?
Het werk van Anton Vrede is steeds eenvoudiger geworden. De
lijnvoering laat een achteloze trefzekerheid zien, die het resultaat
is van jarenlang nauwkeurig observeren. Het oogt simpel. Zelf
zegt hij: 'De mooiste tekeningen bestaan uit drie lijnen en
een vlekje kleur. Maar ja, dan moeten het wel de goede lijnen
zijn.' |
| |
|
| |
Naarmate het werk van Anton Vrede
eenvoudiger wordt, wordt het steeds moeilijker om er een zinnig
woord over te zeggen. Ik heb hem meerdere keren gevraagd naar
de dieren in zijn werk. Dieren die zich buiten hun gebruikelijke
biotoop begeven. Het is een vreemde beestenbende die hij ons
voortovert: kikkers verkeren met pinguins, hazen met gorilla's.
Geen bioloog zou er wijs uit worden.
Het is zijn zelf geschapen paradijs. Bij gebrek aan een echt
paradijs. We leven nu eenmaal in een wereld waarin mensen zich
als beesten gedragen. Dan is er, volgens de poëtische logica
van de kunstenaar, behoefte aan een tegenwereld waarin de dieren
menselijke, al te menselijke trekken vertonen. Vraag Anton Vrede
echter naar de dieren in zijn werk en je krijg telkens een ander
antwoord: |
| |
| |
 |
De
dieren die ik teken, dat
zijn lijnen en vlekken.
De dieren die ik teken, dat
zijn dieren.
De dieren die ik teken, dat
zijn de mensen om me heen.
De dieren die ik teken, dat
ben ik zelf. |
|
| |
Allemaal verschillende antwoorden,
allemaal waar. Kunst is geen rebus. Ook als je de oplossing
gevonden meent te hebben, is er altijd weer een nieuwe oplossing
en een nieuwe kijk.
En waarom zou de kunstenaar de waarheid in pacht hebben? Keer
het om en vraag niet hem maar de toeschouwer om uitleg. Iedereen
heeft zijn eigen kijk. Daarom zal iedereen een andere oplossing
aandragen, een ander verhaal vertellen. Misschien zonder kop
of staart, maar met een eigen logica. Al die verhalen, al die
opvattingen, rijk is het kunstwerk dat ze allemaal in zich opneemt
en toch zichzelf blijft. Rijk in zijn eenvoud.
Het werk van Anton Vrede spreekt mensen aan, letterlijk en figuurlijk.
Het spreekt tot ons. We herkennen onszelf, of een deel van onszelf,
in zijn dieren. We kunnen ons ermee vereenzelvigen. Met de stijve,
wat ongemakkelijke pinguin. Met de wispelturige haas. Met de
olifant in de porseleinkast. Eén vraag die ik hem stelde
wilde Anton niet beantwoorden. Namelijk: welk dier ben je zelf?
Zijn naam is haas.
De afgelopen week kreeg ik toch antwoord, onverwacht en ongevraagd.
Zijn boek Aap, haas, pinguin, olifant, een overzicht van recent
werk was net van de pers gekomen. Aan de telefoon klonk hoorbare
trots. En opeens zei hij: 'Ik ben een ezel. Ik ben koppig. Ik
ga door.' |
Pieter van Oudheusden
Nijmegen, 14 december 2002 |
|
| |
| |
|
|